Navigation Menu+

Wet Auteurscontractenrecht moet fotografen helpen

Geplaatst op okt 13, 2015 door in Fotografie

Fotografie blijft maar groeien en groeien nu vrijwel iedereen de beschikking heeft over een camera. Want ook vrijwel elke smartphone beschikt tegenwoordig over een camera die prima kwaliteit levert. Langzamerhand wordt publiek gemaakt fotografie omarmd, met name in de persfotografie. Voor professionals is dit een doorn in het oog, persfotografie maakt plaats voor illustratieve fotografie.

Vakfotografen met dure apparatuur en een studio moeten nu opboksen tegen consumenten met een smartphone van een paar honderd euro. Die nieuwe concurrentie zorgt er ook voor dat reclamebureaus of grote mediabedrijven zoals Sanoma en TMG niet meer de grote bedragen betalen die ze voorheen betaalden, er is immers goedkoper materiaal voorhanden. Vakfotografen moeten dus vaak harder werken voor hetzelfde geld. Jan Willem Scholten stopte een aantal jaar geleden met fotograferen: “Ik heb jaren mijn brood verdiend met het fotograferen van auto’s. Een leuke baan, ik reisde de hele wereld rond.” In een aantal jaar zag Scholten zijn omzet met 90 procent dalen. „In 2004 was dat ongeveer een miljoen euro, in 2009 nog maar een ton. De huur van mijn studio en mijn personeel kon ik niet meer betalen”, zo vertelt hij. Om verhalen zoals dat van Scholten te voorkomen, zal op 1 juli 2015 de wet Auteurscontractenrecht in werking treden. Deze wet wordt onderdeel van de Auteurswet en wil de positie van fotografen (maar ook journalisten) ten opzichte van de exploitant versterken.

Wat verandert er?

Een uitgever heeft altijd toestemming nodig om jouw werk te mogen publiceren, er rust immers auteursrecht op. Voor het verlenen van deze toestemming heb je als fotograaf recht op een billijke vergoeding. Hoe hoog die billijke vergoeding is, is echter niet vastgelegd in de wet, dit is afhankelijk van diverse omstandigheden. Wel heeft de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de mogelijkheid om een billijke vergoeding vast te stellen voor een bepaalde sector. Dit kan alleen gedaan worden na een verzoek van een vereniging van makers, of een vereniging van exploitanten. De vergoeding wordt alleen vastgesteld wanneer die van belang is om de culturele diversiteit en toegankelijkheid van cultuur te behouden. Daarnaast is er de zogenaamde ‘aanvullende billijke vergoeding’, dit betekent dat je aanspraak kunt maken op een extra vergoeding wanneer je werk een onverwacht succes wordt. Dat kan alleen als de oorspronkelijke vergoeding niet meer in verhouding staat tot de opbrengsten van de uitgever.
Daarnaast is er de mogelijkheid om de overeenkomst te ontbinden bij non-exploitatie. Dat houdt in dat je je werk en auteursrecht terug krijgt, wanneer de uitgever je werk niet binnen een redelijke termijn publiceert. Je moet de uitgever hier dan wel vooraf over geïnformeerd hebben. Daarnaast mogen onredelijke bezwarende bepalingen uit zowel het contract als de algemene voorwaarden vernietigd worden.

Kom je er echt niet uit met je uitgever? Dan is er de geschillencommissie, een alternatief voor een gang naar de rechter. Platform Makers en het Platform Creatieve Media Industrie zijn bezig met onderhandelingen over het oprichten van deze geschillencommissie.